Energie besparen met led is een van de snelste en goedkoopste manieren om je energierekening te verlagen, want een ledlamp gebruikt ongeveer 80 tot 90 procent minder stroom dan een gloeilamp en zo’n 50 procent minder dan een halogeenlamp. Waar een oude gloeilamp 60 watt verbruikt voor dezelfde lichtopbrengst, heeft een led daar slechts 7 tot 9 watt voor nodig. Bij een stroomprijs van rond 0,35 euro per kWh levert dat per lamp al snel 15 tot 25 euro besparing per jaar op. Voor een gemiddeld huishouden met 30 lampen kan de totale besparing oplopen tot 150 tot 250 euro per jaar.
In dit artikel lees je precies hoeveel watt en euro je bespaart, wat je nodig hebt om over te stappen en hoe je dat stap voor stap aanpakt. Ook krijg je tips om veelgemaakte fouten te voorkomen en zie je wat de overstap kost en hoe snel je die terugverdient. Zo haal je het maximale rendement uit je verlichting.
Hoeveel kun je besparen met energie besparen met led?
Energie besparen met led levert per vervangen lamp ongeveer 50 watt minder verbruik op, wat bij dagelijks gebruik neerkomt op zo’n 15 tot 25 euro besparing per lamp per jaar. Een gloeilamp van 60 watt die drie uur per dag brandt, verbruikt jaarlijks ruim 65 kWh, terwijl een gelijkwaardige led van 8 watt op nog geen 9 kWh uitkomt. Bij 0,35 euro per kWh scheelt dat ongeveer 20 euro per lamp per jaar. Over de levensduur van een led van 15.000 tot 25.000 branduren loopt de totale besparing per lamp op tot meer dan 100 euro.
De besparing is het grootst bij lampen die veel branden, zoals in de woonkamer, keuken en buiten. Verlichting maakt gemiddeld zo’n 10 tot 15 procent van het stroomverbruik van een huishouden uit, dus de impact is direct merkbaar op je rekening. Wil je je woonlasten breder verlagen, dan loont het om de overstap op led te combineren met je huis isoleren, want verwarming is veruit de grootste energiepost. Samen leveren die maatregelen de grootste besparing op.
Wat heb je nodig om over te stappen op led?
Om over te stappen op led heb je vooral de juiste ledlampen nodig met de passende fitting, lichtkleur en lichtsterkte voor elke ruimte. Let bij de aankoop op de fitting (E27, E14, GU10 of GU5.3), op het aantal lumen (de lichtopbrengst) en op de kleurtemperatuur in kelvin. Voor een woonkamer kies je warm wit rond 2.700 kelvin, terwijl je in een werkruimte of badkamer beter af bent met neutraal wit rond 4.000 kelvin. Een led van 800 lumen vervangt qua helderheid een gloeilamp van 60 watt.
Daarnaast is het verstandig om vooraf te controleren of je dimmers en armaturen geschikt zijn voor led. Veel oude dimmers werken niet goed met standaard ledlampen, waardoor licht kan flikkeren; kies in dat geval een dimbare led en eventueel een led-geschikte dimmer. Voor de meeste lampen heb je geen gereedschap of elektricien nodig, want je draait simpelweg de oude lamp eruit en de nieuwe erin. Alleen bij vaste ledpanelen of inbouwspots kan installatie door een vakman handig zijn.
- Fitting: controleer E27, E14, GU10 of GU5.3 voordat je koopt
- Lumen: 800 lumen vervangt een gloeilamp van 60 watt
- Kleurtemperatuur: 2.700 K warm voor woonruimtes, 4.000 K neutraal voor werkplekken
- Dimbaarheid: kies dimbare leds en een led-geschikte dimmer
Energie besparen met led in stappen
De overstap op ledverlichting pak je het slimst gefaseerd aan, waarbij je begint bij de lampen die het meest en het langst branden. Zo verdien je je investering het snelst terug en merk je het effect direct op je energierekening. Vervang eerst de woonkamer, keuken en buitenverlichting, en pak daarna pas de plekken aan waar je zelden licht gebruikt, zoals de zolder of berging. Op die manier spreid je de kosten en plaats je je geld waar het het meeste oplevert.
Een gestructureerde aanpak voorkomt dat je lampen koopt die niet passen of de verkeerde lichtkleur geven. Loop daarom eerst je huis door en noteer per lamp de fitting, het aantal en de gewenste lichtkleur voordat je gaat kopen. Hieronder vind je de stappen op een rij.
- Stap 1: inventariseer alle lampen, fittingen en hoeveel uur ze per dag branden
- Stap 2: vervang eerst de veelbranders in woonkamer, keuken en buiten
- Stap 3: kies per ruimte de juiste lumen en kleurtemperatuur
- Stap 4: lever oude lampen in bij een inzamelpunt voor recycling
- Stap 5: pak daarna de weinig gebruikte plekken zoals zolder en kast aan
Tips en veelgemaakte fouten
De meest gemaakte fout bij energie besparen met led is kijken naar het wattage in plaats van naar het aantal lumen, waardoor je een te zwakke of juist te felle lamp koopt. Onthoud dat watt het verbruik aangeeft en lumen de lichtopbrengst; voor een vergelijkbaar lichtbeeld zoek je dus op lumen. Een tweede valkuil is een verkeerde kleurtemperatuur kiezen, waardoor je woonkamer er klinisch uitziet of je badkamer juist te gezellig en donker wordt. Lees daarom altijd zowel het lumen- als het kelvincijfer op de verpakking.
Een andere veelgemaakte fout is goedkope ledlampen van onbekende merken kopen die snel uitvallen of flikkeren. Kies kwaliteitsleds met een lange garantie en een hoge kleurweergave-index (CRI van 80 of hoger) voor natuurlijk licht. Ook handig: combineer led met bewegingssensoren of timers op plekken zoals de gang en de buitenverlichting, zodat het licht alleen brandt wanneer nodig. Zo voorkom je onnodig verbruik en haal je nog meer besparing uit je verlichting.
Wat kost overstappen op led?
Overstappen op led kost gemiddeld 3 tot 8 euro per standaardlamp en 6 tot 15 euro voor dimbare of speciale leds, waardoor het volledig vervangen van een gemiddeld huishouden met 30 lampen op 100 tot 250 euro uitkomt. Die investering verdien je doorgaans binnen 1 tot 2 jaar terug door de lagere stroomkosten. Omdat een led 15 tot 25 keer langer meegaat dan een gloeilamp, bespaar je daarna nog jarenlang op zowel stroom als vervanging. De terugverdientijd is daarmee een van de kortste van alle energiebesparende maatregelen.
Reken je het door, dan kost een ledlamp van 8 euro die 20 euro per jaar bespaart zichzelf al binnen vijf maanden terug. Wie de overstap gefaseerd doet en bij de veelbranders begint, ziet de besparing nog sneller terug op de rekening. Door oude lampen netjes in te leveren bij een inzamelpunt zorg je bovendien dat de materialen worden gerecycled. Zo is led een investering die zich vrijwel direct uitbetaalt en lang blijft renderen.