Wilde bijen: hoe help je ze in je tuin?
Tuin

Wilde bijen: hoe help je ze in je tuin?

Wilde bijen help je in je tuin door het hele jaar bloeiende planten aan te bieden, nestgelegenheid te maken en gif achterwege te laten. In tegenstelling tot de honingbij leven wilde bijen vrijwel allemaal solitair: ze maken geen volk en verzamelen alleen voedsel voor hun eigen nageslacht. Juist deze groep, ruim 350 soorten in Nederland, staat zwaar onder druk door verlies van bloemen en nestplekken. Gelukkig kun je met een paar gerichte ingrepen al veel voor ze betekenen.

In dit artikel lees je wat wilde bijen precies zijn, welke nestgelegenheid ze nodig hebben en welke planten ze het meest aantrekken. Ook ontdek je de meest gemaakte fouten, zodat een goedbedoeld bijenhotel niet leeg blijft of zelfs schade aanricht.

Hoe help je wilde bijen in je tuin?

Wilde bijen help je het beste door voedsel, nestgelegenheid en veiligheid te combineren in een tuin zonder bestrijdingsmiddelen. Voedsel betekent een doorlopend aanbod van stuifmeel en nectar van februari tot oktober, want zonder bloemen in het vroege voorjaar of de nazomer vallen er gaten. Nestgelegenheid varieert per soort: sommige nestelen in de grond, andere in holle stengels of dood hout. Met een gevarieerde tuin bedien je zo veel mogelijk soorten tegelijk.

De belangrijkste maatregelen op een rij:

Wat zijn wilde bijen?

Wilde bijen zijn alle in het wild levende bijensoorten, met uitzondering van de gehouden honingbij. Het gaat om hommels en honderden solitaire soorten zoals metselbijen, zandbijen, groefbijen en behangersbijen. Anders dan de honingbij produceren ze geen honing en houden ze geen voorraad aan; een vrouwtje verzamelt enkel genoeg stuifmeel om haar eitjes mee te voeden. Daardoor leven veel wilde bijen kort en zijn ze sterk afhankelijk van bloemen in hun directe omgeving.

Deze afhankelijkheid maakt wilde bijen kwetsbaar maar ook makkelijk te helpen. Sommige soorten zijn gespecialiseerd op een beperkt aantal plantensoorten, terwijl andere generalisten zijn die veel verschillende bloemen bezoeken. Wie weet welke soorten bijen in de tuin voorkomen, kan de beplanting daarop afstemmen. Doordat solitaire bijen geen nest verdedigen, zijn ze bovendien zeer vreedzaam en steken ze vrijwel nooit, wat ze ideale tuingasten maakt.

Welke nestgelegenheid hebben wilde bijen nodig?

Wilde bijen hebben heel verschillende nestplekken nodig, want ongeveer 70 procent van de soorten nestelt in de grond en de rest in holtes. Bodemnestelaars zoals zandbijen hebben open, zonnige plekken met kale of schaars begroeide zandgrond nodig om gangen in te graven. Holtenestelaars zoals metselbijen gebruiken holle stengels, oude kevergangen in dood hout of de buisjes van een bijenhotel. Een goede tuin biedt daarom allebei: een stukje open grond en verticale nestgelegenheid.

Een bijenhotel werkt alleen als het goed gemaakt is, en juist daar gaat het vaak mis. Gebruik gladde, holle stengels of geboorde gaten van 2 tot 9 mm in onbehandeld hardhout, met een dichte achterkant en een diepte van zeker 10 cm. Hang het hotel op een droge, zonnige plek op het zuiden en houd het minstens een meter boven de grond. Vermijd plastic buisjes, glanzend gelakt hout en losse dennenappels, want die houden vocht vast of bieden geen bruikbare gangen. Door uitgebloeide planten in de winter te laten staan, creeer je bovendien gratis natuurlijke nestplekken.

Welke planten trekken wilde bijen aan?

Wilde bijen worden vooral aangetrokken door inheemse, enkelbloemige planten met goed bereikbare nectar en stuifmeel. Gevulde sierbloemen zijn voor bijen vaak waardeloos omdat de meeldraden zijn omgevormd tot blaadjes en er geen voedsel te halen valt. Vroegbloeiers zoals krokus, wilg en longkruid voeden de eerste bijen in maart, terwijl klimop en herfstaster in de nazomer belangrijk zijn. Een doorlopend bloeiseizoen voorkomt dat bijen halverwege het jaar zonder voedsel komen te zitten.

Kies daarnaast voor variatie in bloemvorm, zodat zowel kortsnuitige als langsnuitige soorten terechtkunnen. Vlinderbloemigen, lipbloemigen en composieten zijn populair, en kruiden als tijm, lavendel en marjolein doen het uitstekend. Een uitgebreid overzicht vind je in dit artikel over planten voor bijen en vlinders. Ook met weinig ruimte kun je bijdragen: door een geveltuin aanleggen langs je gevel voeg je nectar toe op plekken waar anders alleen tegels liggen.

Veelgestelde vragen over wilde bijen

Zijn wilde bijen gevaarlijk?

Nee, wilde bijen zijn vrijwel ongevaarlijk en steken hoogst zelden. Omdat solitaire soorten geen volk hebben, verdedigen ze geen nest en zijn ze niet agressief. Mannetjes hebben helemaal geen angel en veel vrouwtjes hebben een angel die te zwak is om je huid te doorboren. Je kunt een bijenhotel daarom gerust vlak bij een zitplek ophangen.

Wat is het verschil tussen wilde bijen en honingbijen?

Het verschil is dat honingbijen door imkers in volken worden gehouden en honing maken, terwijl wilde bijen in het wild leven en vrijwel allemaal solitair zijn. Wilde bijen verzamelen alleen voedsel voor hun eigen nageslacht en houden geen voorraad aan. Ze zijn ook diverser: er zijn honderden wilde soorten tegenover een enkele honingbijsoort. Beide groepen zijn belangrijk voor bestuiving, maar de wilde soorten staan het meest onder druk.

Wanneer hang je een bijenhotel op?

Je hangt een bijenhotel het beste in het late winter of vroege voorjaar op, voordat de eerste metselbijen in maart actief worden. Kies een droge, zonnige plek op het zuiden of zuidoosten, minstens een meter boven de grond en uit de regen. Laat het hotel het hele jaar hangen, ook in de winter, want de larven overwinteren erin. Verplaats het niet zodra er bijen in nestelen.

Helpen wilde bijen tegen plagen in de tuin?

Wilde bijen zelf eten geen plaaginsecten, maar ze zijn onmisbare bestuivers die voor een gezonde, productieve tuin zorgen. Een bijvriendelijke tuin met veel bloemen trekt bovendien andere nuttige insecten aan, zoals zweefvliegen en sluipwespen, die wel bladluizen bestrijden. Door geen gif te gebruiken houd je dit hele systeem in balans. Zo help je niet alleen de bijen, maar ook de natuurlijke plaagbestrijding.

Hoeveel ruimte heb je nodig om wilde bijen te helpen?

Je hebt verrassend weinig ruimte nodig: zelfs een balkon of klein stadstuintje kan wilde bijen helpen. Een paar potten met bijvriendelijke kruiden, een klein bijenhotel en geen gif zijn al een goede start. Hoe meer variatie en hoe meer schakels in de buurt, hoe beter, want bijen vliegen van tuin naar tuin. Elk bloeiend plekje vormt een stapsteen in een groter netwerk.

E

Geschreven door

Eva de Boer

Eva schrijft voor Het Groene Normaal over duurzaam wonen en leven. Ze woont in een jaren-30-huis dat ze stap voor stap verduurzaamt — en gebruikt het als levend proefkonijn voor wat ze publiceert.

Verder lezen

Alle artikelen